Poëzie-Leestafel

...

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Diverse dichters



Recensie, geschreven door Karel Wasch, over de bundel


In de kring van menselijke warmte

Hommage aan Rogi Wieg

Samengesteld door Peter de Rijk




Het is niet verwonderlijk dat er nu een hommage is verschenen aan Robert Gabor Charles Wieg (1962-2015) die bekend werd als Rogi Wieg. Hij was een uitzonderlijk talent, schilderde, had een korte opleiding als musicus gevolgd, was uiterst begaafd op het gebied van mathematica en fysica en wierp zich later op het schrijven, hoewel hij ook bleef schilderen. Dat leverde veel moois op o.a. Kameraad Scheermes, Dagen in Budapest, Waar hij zijn jas hangt en Roze brieven.


Zowel korte verhalen als biografische schetsen maar ook gedichten schreef Wieg. Na allerlei rellen over de toewijzing van zijn kind raakte Wieg in depressies gedompeld. Daar zou hij nooit helemaal uitkomen ondanks medicijnen, shocktherapieën en de hulp van diverse psychiaters, therapeuten en goedwillende vrienden en vriendinnen. Hij leefde al een tijd samen met de Hongaarse schilderes Abys Kovacs toen hij besloot tot euthanasie. Dit voltrok zich in 2015.


Na het goede werk van redacteur, dichter en schrijver Peter de Rijk werden een aantal dichters bereid gevonden om een gedicht in te leveren ter nagedachtenis aan Wieg. Op Poetry werden laatst de gedichten gepresenteerd.  'We hebben in hem een van de meest integere dichters verloren.' zei Menno Wigman. Het moge waar zijn, wat mij vooral is bijgebleven van Rogi Wieg is zijn val, steeds dieper en onvermijdelijk, leidend tot zijn dood.


Bekende dichters, die meewerkten zijn o.a. Barney Agerbeek, Hans Plomp, Maria Barnas, Ingmar Heytze, Inge Boulonois, Alja Spaan, Tsead Bruinja, Ellen Deckwitz (vier maal), Remco Ekkers, Thomas Möhlmann, F.Starik, Karel Wasch, Menno Wigman, Ezra de Haan,Victor Vroomkoning en Joost Zwagerman. Logischerwijze zijn ook de mindere goden uitgenodigd maar dat geeft de bundel juist iets luchtigs omdat niet iedereen zwaar op de hand wilde dichten.

Joost Zwagerman, zelf ook zwaar depressief, maakte in 2015 een eind aan zijn leven, van hem het volgende vers in deze bundel:


God, De Zijne

Toch is God hooguit een
vage kennis. Hij is niet eens
een verre facebookvriend.
Mijn vriend de-nog-niet-dode
dichter Rogi kent Hem beter.
Worstelende intimi, die twee.
Mijn vriend de-nog-niet-dode
dichter Rogi schreef dat God in
de Hel aan de wereld heeft
gewerkt. Rogi zegt, de hel
is in alles neergelegd. Mijn vriend
is nog niet dood, al wil hij wel.
En niet. Of wel. Ik word verhoord,
monddode kroongetuige. Door-
heen het sprakeloos verwarde
nee probeert een ik heel dun
of het nog tijdig kan gezegd.
In herhaling wat mijn nog-niet-
dode vriend over het helse
van de goede niet-zo-goede God
beweerde. Ik probeer, mijn
vriend hij gaat niet dood. Rogi
komt in een gedicht terecht.



Het titelgedicht komt van F.Starik, hij verzorgde vaak uitvaarten van eenzame, soms onbekende mensen:


In de kring van menselijke warmte

Het was de veertiende eenzame uitvaart
in Amsterdam, Rogi's tweede- een vent die
zich voor de metro wierp, een kille novemberdag.
Meneer Prins was nog in functie als uitvaartleider

die toen de kist was gezakt- wij wat hulpeloos geschaard
rond het graf- sprak dat we maar dicht bij elkaar moesten
gaan staan
in de kring van menselijke warmte, zo zei meneer Prins dat.
We deden wat hij van ons vroeg. Zo stonden we daar.

Terugwandelend naar de koffiekamer mompelde Prins nog
wat
over het onderbewustzijn, u moet alles toevertrouwen aan
de schoot
van uw onderbewustzijn en als u dan geslapen heeft,
meneer Wieg
bent u de volgende ochtend weer schoon. Is alles weg.
Ik betwijfel dat, maar wat ik niet betwijfel: ik heb hen
beiden liefgehad.
En ze zijn allebei dood.

En Barney Agerbeek, waarvan binnenkort weer een bundel verschijnt, zegt het zo:


Zuiver als een driehoek, cirkel, vierkant

Zo langzamerhand begin ik te begrijpen
waarom het leven gaat zoals het gaat

Ik ben geen kind meer
Ben niet meer een metertje leven,
zacht slapend voor de kachel

Na kleintje, baby, babam volgt een lange tocht
waarin elke gedachte een dichtregel wordt

Elke uiting van talent een godsgeschenk
Even zuiver als een driehoek, cirkel, vierkant

Tot klank en kleur abrupt worden vervormd
als een harde lach in een gesloten ruimte

Ik worstel met ontzinde lettergrepen
En dan? telkens een dag en dan een nacht

Ik grijp de eerste strohalm en buig mee
Mijn laatste verzen zijn in lood gekrast

In bed krom ik mijn rug als foetusschild
en wikkel me in een deken van stilte

Verder mooie verzen van Alja Spaan, Inge Boulonois en natuurlijk Ingmar Heytze.
Onvoorstelbaar dat iemand, Rogi Wieg, niet meer wilde leven. Maar we zullen ons in dat bittere lot moeten schikken. Wat een mooi initiatief van uitgever In de Knipscheer, wat een zorgvuldige bloemlezing samengesteld door Peter de Rijk. Het verdriet over Rogi's verdwijnen blijft.


ISBN 9789062659524 | Paperback | 153 pagina's | Uitgeverij In de Knipscheer | juni 2017
Illustraties: Abys Kovacs

© Karel Wasch, 6 juni 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER



 

Hommage aan kunstschilder en graficus Willie Cools


Een veld van verwilderde rozen is een hommage aan kunstschilder en graficus Willie Cools. Een sober en verzorgd uitgegeven bundel met gedichten van Richard Foqué, Theo Slachmuylders, Thierry Deleu, Suzanne Binnemans, Nicole Van Overstraeten, Ferre Denis, Tony Rombouts, Erwin Steyaert, Rose Vandewalle, F.A. Brocatus, Ulrich Bouchard, Hannie Rouweler, Frank Decerf, VPM bio, Roger Nupie, Joris Iven, Marije Kos, Guy Commerman en Begga Mariën. Zeg maar een elite van hedendaagse dichters, bekend, bekroond, geprezen door de kritiek.
Deze bijdragen bewijzen ruimschoots de waardering die deze dichters koesteren voor het werk van Cools.

“Willie Cools schilderde uitbundige taferelen op grote bladen papier in een al even uitbundig coloriet van rood en geel en groen met witte sluiers van achtergrond of overlapping,” schrijft Hugo Brutin in het Nawoord.In de meeste gedichten wordt daarop gewezen, soms omzichtig en sporadisch, soms expliciet en herhaaldelijk. 

In het gedicht “Evenwicht” (p. 11) schrijf ik: 

kleur en klank geëxciteerd
door onbevangen kijven 

van vrouwelijk bloot, hoe zij
zich wringen in rood geel groen

ophitsend decoratief

Of in een gedicht van Suzanne Binnemans (p. 12):

ik wentelde me in jouw kleuren

bedachtzaam leunde je over mij heen
ik voelde jouw hete adem
wanneer je mijn naakte lichaam
zorgzaam toedekte met witte sluiers

Ook het sensuele, het zinnelijke in zijn werk wordt sensu lato bezongen in mooie verzen. Zoals in het tweede gedicht van Binnemans:

je spreidt het laken uit voor ons beiden
ons liefdesspel kan beginnen

Ook door Tony Rombouts in het gedicht “Het Ongemerkte” (p. 16): 

Het lichaam leeft
en zindert
vol sensualiteit.

Niet alleen erotiek
maar vooral
een verfijnde esthetiek

 

Ook de “Bewegelijkheid” in het werk van Cools komt aan bod, onder andere bij Erwin Steyaert in het gedicht “Thuiskomst” (p. 17): 

… nat van verf
dansen vrouwen uit zijn hand.

Bloot en heerlijk
zweven ze in het blauw van zijn doek.  

Roger Nupie maakt in “Kleur-rijk” (p. 25) een geslaagde synthese van Cools’ werk: opdringend coloriet, levendig, vol beweging, sensueel.  

Bezeten & bevleugeld schilderde je

Liet ons dansen, duelleren & zweren

bij de overmoed van onze lichamen.

Alles onder de noemer van liefde,

Kleur klaart voor eeuwig op. 

Brutin vervolgt: “Zijn vrouwelijke gestalten zijn wellustig, omdat zij het resultaat blijken of lijken te zijn van een ongeremde impuls. Het lichaam, dat in zijn centraal gedeelte van buik, borsten en dijen monumentale allures aanneemt, loopt vaak uit in een spitse punt.” 

Guy Commerman kruipt in de huid van zijn vriend, als hij dicht: 

Ik heb met ze te doen,
ze zijn mijn weeën,
mijn kleuren in donkerte van bestaan,
mijn vormen van een wensdroom,
mijn ware vrienden en getuigen,
mijn gulden snede,
mijn luie levenslijnen in de vurige
zon. 

Een mooi uitgegeven bundel, handig formaat, op zachtgeel gekleurd papier, met op het voorplat het schilderij Innerlijke waarheid en achteraan een Nawoord van Hugo Brutin en enkele citaten van critici over het werk van Willie Cools.

In de bio- en bibliografische gegevens van de dichters valt op: enerzijds dat de meesten geboren zijn in de jaren ’40 en ’50, niet verwonderlijk als je weet dat zij vrienden waren van Willie Cools (°1931) en anderzijds dat ruim de helft in het onderwijs stonden, ook Cools was docent. 

Ik heb Willie Cools leren kennen via Guy van Hoof die een paar keer een tentoonstelling liet organiseren in de stad van mijn vrouw, Harelbeke.

Cools’ enige thema is de vrouw, haar lichaam, haar figuur, in alle vormen, toonaarden en facetten. Zijn tekeningen en schilderijen zijn een uitbarsting van kleur, emotie en ritme. Hij stoorde zich niet aan de gangbare stromingen; hij ging een eenzame weg. 
Remi De Cnodder, Gaston Durnez, Hugo Brutin en Guy van Hoof schreven over zijn werk. Cools werd lid van de groep ARENA, opgericht door Van Hoof, wijlen de kunstschilders Gerard Vanhove en Marcel Coolsaet, de dichter Roger Nupie en de Waalse beeldhouwster Brigitte Balhan.
Er waren retrospectieve tentoonstellingen in Harelbeke, Gent, Oostende, Antwerpen, Schelderode, Mechelen. 

De bundel Een veld van verwilderde rozen is een hommage aan de kunstenaar. Via de gedichten komt zijn levensvisie goed over. Spijtig dat de afgedrukte schilderijen in zwart-wit zijn, maar ook uitgevers zijn soms beperkt in hun mogelijkheden; vaak moeten zij ook rekening houden met de verkoopbaarheid van het product (lees de prijs aan de consument).

 Thierry Deleu 

Een veld van verwilderde rozen, een hommage aan kunstschilder en graficus Willie Cools, samensteller: Hannie Rouweler, ISBN 978-1-4478-1717-8, Demer Uitgeverij, 2011 Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

Bewaren