Poëzie-Leestafel

...

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Barney Agerbeek

 

Recensie over de bundel

Rood en wit met blauw

Barney Agerbeek

geschreven door Karel Wasch

 


De bundel van Agerbeek is in twee hoofdmoten verdeeld. In Rood staan mooie gedichten over de Indische wereld - Agerbeek komt uit Indonesië - in Wit met Blauw treffen we fraais aan over Holland en de avonturen met kunst van Agerbeek.


Om bij Rood te beginnen. In 'Blauwe Zon,' het lange gedicht van maar liefst 15 blz. zien we het dubbelleven van de planter beschreven en van zijn njai. Agerbeek schreef eerder de roman ' Njai Inem' over de bijzit van een planter, vanuit ( hoofdzakelijk) het perspectief van deze njai.


Blauwe zon
Voor njai Katinem

Daar staat hij met koude blik
bevelen uit te delen
Pas na de dag wijkt spanning
slaapbroek, jenever en njai

Opslagloodsen fluisteren
tegen een blauwe zon
Hij droomt de inhoudsmaten
van koffie, thee en kardemom

Terug in Rotterdam slentert hij
langs vemen met verbleekte namen
leest Java Celebes Borneo
ziet kabels, pallets, kranen

De planter, die leiding heeft over de plantage (het gedicht speelt zich af in de koloniale tijd van Nederland, maar de verhoudingen zijn nog op vele plaatsen op aarde aanwezig) staat onder spanning. Hij reageert zich af door drank en sex met zijn njai. En in de tweede strofe droomt hij van zijn inkomsten uit koffie thee of specerijen (Kardemom). In Rotterdam zijn de vemen, opslagloodsen, al verbleekt.
Hij kan zijn verleden niet meenemen, de tijd gaat voorbij. Kortom een mens in twee werelden maar ook een mens in twee tijden, vroeger en nu. Agerbeek is geen krullendraaier hij zet de dramatische situaties, vooral in simpele, krachtige taal neer. En dat geeft de verzen body.

In een ander stuk uit Blauwe zon wordt de terugkeer ook beschreven:

(...) Iemand die terugkeert is een ander
loopt in cirkels van verbazing
struikelt over een mank alfabet
Om de haverklap verdwalen de gedachten(...)

En de njai van de planter, die achterbleef:

(...) Recht haar hoofd, masseert haar slapen
Zij hoeft niets te bedenken
beweegt uit angst met alles mee
van binnen een vulkaan, uiterlijk een lam (...)

Knap beschreven, de njai, afhankelijk van de planter, mag haar gevoelens niet laten kennen, maar ze heeft ze wel. Ze wordt als een lam ter slachtbank gevoerd, maar in haar binnenst raast het (vulkanische-) vuur van opstand, dat niet naar buiten kan.

En Agerbeek legt - terecht - een verband met de actualiteit. De slavernij is nog niet uitgeroeid!

(...) Verbergt ogen achter een masker
heeft overleven tot kunst verheven
bidt voor haar kinderen een beter leven
Vandaag kom je haar op de hele wereld tegen (...)

In de korte overdenking 'Kejepit' (beklemd) staat in drie zinnetjes het dilemma van veel Indonesiërs toen ze moesten kiezen tussen vluchten naar Nederland na de overdracht en onafhankelijkheid of blijven onder het regime van Sukarno, dat ook redelijk bloeddorstig met tegenstanders en zgn. collaborateurs omsprong.

Kejepit

Eerst moeten kiezen
Nederland of Bung Karno 
daarna vleugellam

(Bung betekent Vader der Indonesiërs)

In het gedeelte Blauw zijn we echt geland in Nederland let maar eens op het vers 'Lentepolder.' Maar er zit ook een fraai gedicht in over Käthe Kollwitz (beeldhouwster en kunstenares).

Lentepolder

Zwaluwen kantelen naar
een diepte en waaieren uit in open blauw
Wolken zuchten sloom
Bloesem stipt sproeten op het gras
Alles oogt zo geruststellend als een koe naar je kijkt
Vreugde loeit over het melkrijke gras

Kikkers kwaken
in een vette brij
geile beloften
Op ademtocht schuiven zwanen
met lichtgrijs kroost
tegen het licht in

Op de dijk keren vrouwen
gearmd met hun mannen terug
Hoor ze spreken
Alsof het geloof
al is het voor even
zo licht is als de zon

Een vrolijk gedicht dat aan Marsman doet denken. Met een kleine steek naar het (gereformeerde-) geloof. Agerbeek woont in Bible Belt. De jubelstemming  over de natuur in een polderlandschap, dat kan alleen in Holland.
In 'Herfstpolder' is de laatste strofe meer ingetogen, spoort wonderwel met juist dat seizoen:

(...) Stemmen slikken zinnen in
Gezichten verbergen gedachten
Schapen vreten van het laatste gras
Het is stil zoals het was (...)

Wat een sterke gedichten! Agerbeeks toon is ingetogen maar trefzeker. Na Agerbeeks twee boeken 'Schaduw van schijn,' en 'Njai Inem' een verrassend goede gedichtenbundel van deze schrijver, die in twee werelden thuis is..

Er staan ook twee korte verhaaltjes in dit gedeelte van de bundel nl. 'Daar houd ik mij aan' en 'Ezelsbrug.' En er staan 7 mooie reproducties van kunstwerken tussen de gedichten van o.a. Kartika Affandi, Iene Ambar, Markus Lüpertz en beeldhouwer Nelson Carillo. De bundel werd fraai van een omslag voorzien door Gracia Khouw, die speelde met rood, wit en blauw en ook subtiele streepjes op de bladzijden losliet.

Barney Agerbeek (1948) werd geboren in Surabaya, tijdens een vulkaanuitbarsting. De Goden kondigden zijn geboorte dus aan. In 1952 maakte hij, als kleine knaap zijn opwachting in Nederland. Hij werkte voor een bank en werd later weer een tijdje in Indonesië gedetacheerd. Hij zat in de redactie van het literaire blad Nynade.


ISBN 9789062658749 Genaaid gebrocheerd met flappen, 64 pagina's geheel in 4 kleuren, geïllustreerd met beeldend werk van 6 kunstenaars, Uitgeverij In de Knipscheer mei 2015

© Karel Wasch, 1 juni 2015

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER