Het forum is gemigreerd

Let op: in juli 2026 hebben wij het forum gemigreerd naar nieuwe software.
Heeft u al een account? Klik dan eerst op "Wachtwoord vergeten" om een nieuw wachtwoord aan te vragen. Daarna kunt u weer inloggen.

Paul Snoek (ja uitgegeven door Manteau)

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #4052 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 23 dec 2006 01:50 pm



Dag Cid,



Waarom enkel de mannen de vrouwen en kinderen beschermen tegen de wind, en de vrouwen zelf niets kunnen doen behalve bijeen zitten tussen de mannen kan ofwel beschouwd worden als kritiek op de patriarchale samenleving waar vrouwen onderworpen zijn aan de man, ofwel als kritiek op de opkomende vrouwenbewegingen tijdens de jaren ’60 -’70. Beide visies worden ondersteund door de laatste versregel van de tweede strofe: ‘want bij de mensen blijven mannen altijd mannen.’



Ik vind juist dat deze laatste strofe aangeeft dat mannen zich altijd de aangewezen personen voelen om vrouwen te beschermen. De stoere man die de vrouwen en kinderen beschermt.



De laatste versregel geldt dan niet alleen voor mannen, maar ook voor vrouwen. De vrouw aan de haard, die zorgt voor het voedsel (‘vaak krijgt hij dan een stukje rauwe vis’) wanneer de man thuiskomt. Iets anders kan ze niet, of wordt in ieder geval niet toegestaan door de mannen die haar beschermen en tegelijkertijd bewaken.



Ik zie eigenlijk in dit gedeelte meer de verwijzing naar de zeehond die in de dierentuin door zijn verzorgers rauwe vis krijgt.

De vrouwen staan hier dan voor de verzorgers. Ik zie er geen verwijzing in dat de vrouw niets anders kan, ik krijg eerder de indruk dat de mannen niet anders willen zeker weer door de versregel:

want bij de mensen blijven mannen altijd mannen



Bij godsgezanten denkt men automatisch aan bekeren, en waar heeft men nog niet zo lang geleden zeer ijverig mensen bekeerd? In de vele kolonies van het Westen. Voor mij toont dit aan dat deze strofe een heftige kritiek is op de manier waarop het Westen de mensen in de kolonies behandelden, namelijk zeer neerbuigend. Als ware messiassen kwamen zij de waarheid verkondigen, en die ‘arme mensen daar’ helpen.

Ik denk eerder dat Paul Snoek hier wijst op die godsgezanten die over het mom van liefdadigheidswerk eigenlijk heel verkeerde dingen doen.

Ze brengen zogenaamd voedsel, maar staan zich ook erop voor dat zij voedsel brengen (inclusief media-aandacht). En staan ondertussen wel toe dát die mensen zo leven en grijpen niet wérkelijk in, bijvoorbeeld in het enorme hongerprobleem, terwijl ze zelf enorm rijk zijn als kerk zijnde.

(Let wel, er wordt ook veel goed werk gedaan door de kerken vandaar ook die godsgezanten.)



De laatste strofe zie ik meer als de verwijzing dat alles om geld draait.

Bij zeehonden staat er ook een straf op het neerknuppelen van de babyzeehonden maar het gebeurt toch en waarom? omdat zij de mooiste vacht hebben en het meeste geld opleveren.



Jouw gedachte

Het feit dat de ‘mooiste rechtstaande man’ wordt neergelegd, kan ook betekenen dat wij, bewust of onbewust, telkens het toonbeeld van moed, leiderschap en tegen de stroom ingaan (kwaliteiten geïllustreerd door het rechtstaan van de man) elimineren uit het straatbeeld.

vind ik ook erg aansprekend. Dat zou het ook kunnen betekenen.



Groet

Dettie
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #4053 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 24 dec 2006 12:44 am

Zowat driehonderd mannen zitten in een kring.

Het is ijskoud en ze zijn naakt.

Ze beschermen hun blote vrouwen en kinderen

tegen de scherpe zuidpoolwind.



Soms mag een oudere man de kring verlaten

om wat warmte op te doen tussen de vrouwen.

Vaak krijgt hij dan een stukje rauwe vis.

Daarna neemt hij opnieuw zijn plaats in,

want bij de mensen blijven mannen altijd mannen.






Ik kan voor het grootste deel akkoord gaan met de analyse die je maakt, Cid.

Inderdaad een absurde situatie waarin de mensen en dieren elkaars rol vervullen. Doet me erg denken aan de film, de planet of the apes, waar de apen op mensen jagen.

In de eerste strofe zitten de mensen in een kring, vrouwen en kinderen, de zwaksten dus, in het midden.

Ik heb die nu al een paar maal herlezen en zit zo'n beetje te prakkizeren over wat hij nu juist bekritiseert en benadrukt in de rol die de vrouwen/mannen spelen.

Ik denk dat hij het wil voorstellen zoals het er bij een aantal diersoorten aan toegaat: ze beschermen de fysiek zwaksten (olifanten bv).

Bij heel wat diersoorten is er ook een duidelijke hiërarchie, en vermoedelijk bedoelt hij ook dat met de sterkere "mannetjes" die in de buitenste kring zitten.

Hoofddoel is dus volgens mij in de regels 1 tot en met 7 de mensen voor te stellen in eensituatie die volledig gelijk is aan de dieren.

Dat het feit dat de oude man een stukje vis krijgt zou doelen op "de vrouw aan de haard die zorgt voor voedsel" zou ik er niet durven uit afleiden. Ik zie het eerder als een beschermen van de zwakke oude man, in dezelfde interpretatie dat sommige diersoorten de zwaksten beschermen en ervoor zorgen.



In regel 8-9 valt hij een beetje uit de rol van de volledige gelijkstelling met dieren en bekritiseert de rol van mensen in de "echte mensenwereld"

Mannen blijven daar altijd mannen, dwz ze moeten blijvend stoer doen, en zelfs een zwakke oude man wil dat imago bewaren. Heeft ook te maken met status en positie.



De derde strofe en de godsgezant.



Ik weet niet of je zover mag gaan dat je daarin een kritiek op de kolonisatie mag zien.

Ik zie het eerder als een kritiek op de humanitaire hulp die men levert en voel meer voor de interpretatie van Bernadet.

Dat is slechts een druppel, de echte noden worden daarmee niet gelenigd, de enorme problemen worden niet aan de wortel aangepakt, maar men vindt zichzelf wel "goed" en dat krijgt de nodige media-aandacht.

De zakken zijn helgekleurd, duidt misschien op de vrolijke boodschap "kijk, we brengen jullie hulp", maar misschien waren die soms echt helgekleurd om ze makkelijker te vinden en heeft P. Snoek daarvan beelden gezien?



De laatste strofe: de zeehond die de mens doodt.

Kritiek natuurlijk op de jacht op zeehonden, en op dieren in het algemeen.

Op de wreedheid van de mens dus. Dat de mens ook wreed is voor andere mensen kun je er volgens mij niet rechtstreeks uit afleiden.

De mooiste man wordt gedood... wijst denk ik op het absurde wat zich bij de jacht voordoet: mensen willen het mooiste exemplaar als jachttrofee bemachtigen om ermee te pronken of er geld uit te slaan (de mooiste olifant, de mooiste berggorilla, zie ook de film "gorilla's in de mist").



In heel dit gedicht houdt Paul Snoek de mens een spiegel voor (door de rollen om te draaien) en kunnen we zien hoe dom, belachelijk en wreed een mens (hier de zeehond) kan handelen.



Dit kon ik er momenteel uithalen.



Tiba.
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #4054 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 24 dec 2006 03:58 pm



Ik analyseerde het gedicht op zo'n manier (vrouw onderdanig aan de man) omdat Snoek er wel om bekend stond om alle vrouwen, behalve zijn moeder en zijn vrouw als, umm, meisjes van plezier (maar dan de minst verbloemde versie van dat woord, ik weet niet wat de policy hier is ivm met sterke taal dus laat ik het maar zo) te omschrijven. Maar andere interpretaties zijn evengoed mogelijk natuurlijk. ^^



Over de helgekleurde zakken: in Snoek zijn gedichten is er zelden een vrolijke nooit te vinden, of het is sarcastisch bedoeld. Melancholie, eenzaamheid, (verloren) liefde en bitterheid zijn de centrale thema's. Behalve dan in deze bundel, waar verontwaardiging centraal staat, hoogstwaarschijnlijk gecombineerd met z'n mensenhaat. Maar vrolijkheid komt zelden, zoniet nooit, aan bod in Snoek z'n oeuvre. Of zo werd mij toch wijsgemaakt in mijn bronnen. :razz:



Cid
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #4055 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 25 dec 2006 12:35 am

De zakken zijn helgekleurd, duidt misschien op de vrolijke boodschap "kijk, we brengen jullie hulp",




vrolijke boodschap, hiermee bedoelde ik 'vrolijk' gezien vanuit het standpunt van de humanitaire hulpverlening, maar cynisch vanuit het standpunt van Snoek (ik weet niet of ik me duidelijk uitdruk).



Tiba.
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #4056 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 25 dec 2006 09:09 am



Cid Uit welke bronnen heb je die informatie over Paul Snoek?

In zijn gedichten komt hij op mij niet over als mensenhater, eerder als iemand die wijst op dingen die wél iets en niets voorstellen. Over dit laatste kan hij cynsich zijn, maar dat is wat anders dan een mensenhater.



Dettie
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #4057 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 25 dec 2006 02:12 pm



H. Brems, Ingewijden worden wij pas later, Dietsche Warande en Belfort; Vol. 127, alf. 9 p. 703 -707, 1982



Ik zal vanavond eens zien of ik de desbetreffende passage kan terugvinden, dan scan ik die ff in.



Zijn mensenhaat komt inderdaad niet vaak voor in zijn gedichten als centraal thema, maar als je weet dat hij daarvan wel meerdere malen is beschuldigd, kan je sommige passages in een ander daglicht stellen.



Cid
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Tijd voor maken pagina: 0.606 seconden