Het forum is gemigreerd

Let op: in juli 2026 hebben wij het forum gemigreerd naar nieuwe software.
Heeft u al een account? Klik dan eerst op "Wachtwoord vergeten" om een nieuw wachtwoord aan te vragen. Daarna kunt u weer inloggen.

Jacques Perk (1859-1881) (ja)

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #3384 door Dettie_3
Omdat Jacques Perk meer dan 70 jaar geleden overleden is, zijn zijn gedichten vrij van copyright.

Er mogen dus meer gedichten geplaatst worden.




Dettie
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #3385 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 04 feb 2006 07:06 pm



Voor mij is Jacques Perk vooral de dichter van "Iris":



"Ik ben geboren uit zonnegloren

en een zucht van de ziedende zee

die omhoog is gestegen op wieken van regen

gezwollen van wanhoop en wee"



heb ik ooit nog van buiten geleerd,

de rest herinner ik me niet meer...



Groetjes. Tiba.
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #3386 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 06 feb 2006 01:42 pm



Duif en sperwer



"Mijn God" - zoo sprak de duif - "is innig zacht, a

Heeft donzen wieken, en bemint ons allen; b

Almachtig, heerscht hij over duizend-tallen b

En houdt op ieglijk duifje trouwe wacht." a



De sperwer sprak: "Mijn God heeft vlucht en kracht, a

En kan op eens uit hooger luchten vallen, b

En die Volmaakte laat een juich-kreet schallen, b

Wanneer zijn schoone neb een doffer slacht." a



Zoo keven zij; de een riep: "Gij lastert God" - c

En de ander: "Gij zijt dom" - "Gij wilt mij krenken" - d

- "Godloochenaar! - Gij drijft met God den spot!" c



Een uil, vol wijsheid, zag ik stilte wenken; d

Die sprak: "Verdraagt elkaar, en weest niet zot, c

Daar wij ons, allen, God met vleugels denken." - d





ieglijk = ieder

neb = snavel

doffer = mannetjesduif

keven = verleden tijd van kijven = ruzie maken

zot = dwaas, mal, gek



Dit gedicht is een sonnet

met ritme abba abba cdc dcd

a zacht ,wacht, kracht, slacht

b allen, tallen, vallen, schallen

c God, spot, zot

d krenken, wenken, denken



De duif zegt dat zijn God lief en zacht is en waakt over de duiven

De sperwer (roofvogel) zegt dat zijn god snel en krachtig is en juicht als een duif gevangen/gedood wordt

De duif en de sperwer maken ruzie. De een zegt je hebt geen eerbied voor God, de ander zegt jij bent dom, je wilt me pijn doen.



De (wijze) uil vraagt hen stil te zijn en zegt, doe niet zo raar, ieder heeft zijn eigen mening en heb daar respect voor.

God heeft ook vleugels. (De uil zegt: we zien allemaal God als iemand met vleugels.



Dettie
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #3387 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 06 feb 2006 06:09 pm



Alles was even licht en bleek aan hem, zijn aardige en zeer vriendelijke zachte ogen, zijn lange blonde lokken, zijn zijige dunne baardje, het blosje op zijn wangen, zijn lichtkleurig pak, en zijn lange magere handen, waarmede hij onder het college in zijn haar placht te woelen. Alleen zijn wapperende das en zijn tabakszak waren kleurig en voyant.



Dr. Aeg. W. Timmermans, Tims herinneringen



Opgenomen in: Toen bliezen de poortwachters,

Hans van Straten, Em. Querido's Uitgeverij, 1967



Tiba.
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #3388 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 11 jul 2006 10:34 am



Dropsteen



Bij 't rossig, zwaaiend schijnsel der flambouw,

Welks walmen tranen teelt bij 't krinklend stijgen,

Zie 'k spichtig kegels stijgen, pegels nijgen,

Wier blijde blankheid werd tot weenend grauw.



Het dropt, het dropt, van spits tot spits; aanschouw,

Hoe langzaam droppen door de droppen zijgen,

En, vallend, leven geven aan het zwijgen,

En worden tot een zuil bevrozen dauw.



Wat daalt, zoekt wat daar rijst, en welhaast zullen

Zij, samengroeiend tot één eeuw'ge zuil,

Elkaar omhelzen, en met schors omhullen.



Zóo gaat het morgen in het gister schuil;

Zóo kwam Mathilde mijn gemoed vervullen,

En kreeg mijn gansche ziel daarvoor in ruil.





Jacques Perk (1859-1881)



Ik snap helemaal niets van dit gedicht? Jullie?



Hier is trouwens een zeer uitgebreide site over Jacques Perk

www.dbnl.nl/auteurs/auteur.php?id=perk003



Dettie
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Lees meer
17 jaren 5 maanden geleden #3389 door Dettie_3
Beantwoord door Dettie_3 in topic Re: bericht
Geplaatst: 14 jul 2006 02:21 pm



Gaat het gedicht niet over stalagmieten en stalagtieten, druipstenen dus die men in grotten vindt?

De stalagtiet vormt zich aan het "plafond" van de grot en groeit naar beneden toe, tegelijk vormt zich vaak op de bodem van de grot een groeiende stalagmiet... uiteindelijk bereiken ze elkaar en vormen een zuil.



Groetjes. Tiba.



P.S. de link zal ik later lezen, nu even aan het inhalen wat allemaal tijdens mijn vakantietje op Leestafel geplaatst is.
Laatst bewerkt doorDettie_3.

Graag Inloggen deelnemen aan het gesprek.

Tijd voor maken pagina: 0.483 seconden