Geplaatst: 23 mei 2008 07:08 pm Onderwerp: Reageer met quote Bewerk/Verwijder dit bericht Meld post Verwijder dit bericht Bekijk het IP van deze gebruiker
Voorlopige versie eerste deel recensie (zonder html-codes)
Mijn eerste indrukken
Men kan zich de vraag stellen naar het wat (en waarom) van kruistocht(en). Deze hebben tenslotte toch niet zo’n goede naam meer heden ten dage. Zo ook bij deze “croisade” van Manja Croiset. De ondertitel, elke droom een nachtmerrie, biedt hierop een (gedeeltelijk ?) antwoord, namelijk het omgaan met haar gevoelens, haar pijnen (zowel fysisch als psychisch), die soms wel eens turbulent kunnen zijn :
vele delicate onderwerpen zo leren
uitspreken en soms hanteren
(blz. 4, vers 4-5)
je bent toch geen stuk drijfhout
dat is nu precies wat ik wel ben
(blz. 16, vers 2-3)
of :
een begaafd kind
een mislukte volwassene
(blz. 206)
Humor kan hierbij een hulpmiddel zijn, zij het dat deze soms wel ironisch tot zelfs sarcastisch kan klinken. Het is soms
galgenhumor (blz. 6),
en hierbij neemt zij alvast geen blad voor de mond met haar
gaskamerhumor (blz. 6).
Denken wij dan hierbij ook even terug aan eerder verschenen bundels, dan mogen wij ons verwachten aan een verdere uiteenzetting met haar verleden, meer bepaald met de Tweede Wereldoorlog, die zij niet zelf meemaakte, maar waarvan haar familie het slachtoffer werd. Hierbij mogen wij echter ook actuelere situaties niet uit het oog verliezen. Zo bevat bijvoorbeeld 31 januari 2008 EEN IMAGINAIRE DISCUSSIE (blz. 7) een verwijzing naar de hedendaagse assimilatie van immigranten, terwijl het gedicht over de laborante (blz. 63) een voyeuristische benadering is van een jonge moslimvrouw.
Samenvattend kan men stellen dat deze bundel tegelijkertijd aanklaagt (wat het hierboven aangehaalde pamfletachtige van sommige teksten kan verklaren), en genezend (het verwerken van het verleden) werkt.
Een woordje over de vormgeving
In ‘Croisade van een Croiset’ wisselen (heel) korte gedichten (waarvan ik mij afvraag in hoeverre sommigen als epigrammen (*) kunnen beschouwd worden) en lange prozagedichten elkaar af. Bij enkele teksten denkt men eerder aan een pamflet. De uitgever spreekt van “lyrisch proza”, of een “roman in dichtvorm”.
(*) je kan niet leven op
wilskracht alleen (blz. 52)
Rijmen, of klassieke versvoeten zijn zo goed als onbestaande, wat een verklaring kan bieden voor het grote aantal enjambementen (het ritmisch/inhoudelijk doorlopen van een vers in het volgende). Een paar voorbeelden :
vanuit mijn glazen gevangenis
kijk ik naar buiten
(blz. 44)
af en toe lijkt de wind te luwen om dan weer aan te
wakkeren meegaand met de klimaatsverandering
hebben … (blz. 16)
ze hield zich voor dat wat anderen
doormaakten in oorlogssituaties erger was (blz. 54, vers 5-6)
Een andere techniek, die ook al wel eens gebruikt wordt, is die van de omkering. Zo lezen wij bijvoorbeeld
ik loop te slapen
zodra ik horizontaal ga
ben ik wakker
(blz. 15)
Manja gebruikt slechts uitzonderlijk interpunctie (meestal in de vorm van aanhalingstekens), of hoofdletters (zelfs niet bij het aanduiden van religieuze entiteiten), wat het lezen soms bemoeilijkt. Zelf noemt zij haar teksten niet altijd gedichten, maar ook
Manja’s idioom
(blz. 4)
Ook titels zijn eerder zeldzaam.
Onder andere in het gedicht de dans (blz. 17) omschrijft zij perfect haar eigen schrijfstijl. De ene keer is deze lichtvoetig gracieus (vers 2), de andere keer lomp traag en uitgebuikt (vers 6-7). Het is dus zeker niet alles negatief, wat ook in haar taal tot uiting komt.
dus toch niet alleen maar vegeteren (blz. 9, vers 6)
Wordt vervolgd (inhoud).
Rutger
_________________
Geduld, eenvoud en mededogen (Tao).
blog.seniorennet.be/mijn_boekenhoekje