Hoi Aagje,
Ik denk dat het gedicht gaat over een man die voor een vrouw (denkelijk een prostituee) kleren koopt.
De man is gek op de vrouw maar de vrouw ziet hem als iemand die haar geld en cadeautjes (kleren) geeft.
De man staat bij de etalage en ziet in de pop zijn geliefde (de prostituee) en bedenkt hoe weinig hij in haar leven voorstelt.
Hij zegt
Dan weet ik weer hoeveel ik u behoor.
Het enige wat in mijn leven geldt
wordt binnen op de toonbank neergeteld.
Met andere woorden. Hij weet dat hij alleen eventjes belangrijk voor haar is is omdat hij haar kleren betaalt (wordt op de toonbank neergeteld). Hij mag dan een uurtje met haar mee om te vrijen en dan is het weer afgelopen tot de volgende keer.
Doordat hij in de etalage de etalagepop ziet met de kleren aan die hij voor de vrouw gekocht heeft vergelijkt hij de pop met de vrouw/de prostituee.
's Avonds na 6 uur is de etalage gedeeltelijk niet te zien door een doek dat voor het raam gespannen is (dat deden ze vroeger ipv een hek voor het raam) Boven dat doek ziet hij de ogen van de pop. Hij doet net of het de ogen van de vrouw zijn. (Gij komt er met uw ogen bovenuit)
Hopelijk heb wat aan mijn uitleg en anders vraag je maar weer.
Hier staat het gedicht
www.darnell.scarlet.nl/komliefste/gedicht1006bin.pdf
(ik heb geen toestemming om het hier op het forum te plaatsen)
Groetjes
Dettie