1.alliteratie of stafrijm
Dit is de gelijkheid van beginmedeklinkers van meerdere beklemtoonde lettergrepen of woorden binnen een uitdrukking, een prozazin of een vers. Soms spreekt men ook van een alliteratie bij gelijkheid van beginklinkers.
De alliteratie is erg gebruikelijk bij zegswijzen en spreekwoorden.
Kant en klaar.
Rust roest.
2.volrijm
De gelijkluidenheid van twee of meer woorden of woorddelen in de laatste beklemtoonde klinker en de daarop volgende medeklinkers. Voorbeelden vind je bij de mannelijke, vrouwelijke en glijdende rijmen.
3.halfrijm
- assonantie of klinkerrijm (de beklemtoonde klinkers zijn gemeenschappelijk, terwijl de medeklinkers verschillen)
Sie hadden malcander so lief,
Si conden bi malcander niet comen,
Het water was veel te diep
(Het waren twee conincskinderen)
- acconsonantie of medeklinkerrijm (medeklinkers zijn gelijk, maar de klinkers verschillen)
Aan elke lering heb ik lak ;
in elk systeem vind ik een lek ;
(Bert Decorte, Noncomform)
4.dubbelrijm
Dit is een eindrijm bij metrische verzen dat zich uitstrekt over verschillende lettergrepen waarvan er twee beklemtoond zijn.
Wanneer ten minste een van de rijmende lettergrepengroepen zich over twee woorden uitstrekt, spreekt men van mozïekrijm.
Beloften van de verre stranden
Hoog achter gouden sterrelanden
(P.C. Boutens, Aan aardes groen en bloemrijk plein)
5.gebroken rijm
Een rijm van twee versregels waarvan er een eindigt met het eerste deel van een in tweeën gesplitst woord. Zie ook bij enjambement
Ze had een vaart genomen en was af-
gesprongen van de rotsen en een staf
(H. Gorter, Mei)
6.gelijk of identiek rijm
Een rijm van woorden die volkomen gelijkluidend zijn, maar die naar betekenis en ook naar spelling kunnen verschillen. In het Duits wordt onderscheid gemaakt tussen identischer Reim voor rijmwoorden die volledig, dus ook semantisch identiek zijn, en rührender Reim voor rijmwoorden die enkel fonetisch gelijkluidend zijn.
En gij ligt in de wol, ik aan uw zijde.
...
Dooraderd diertje met uw kop van zijde,
(J. De Haes, Vriendin II)
7.visueel rijm of oogrijm
Rijm van woorden, die op dezelfde manier worden geschreven, maar anders worden uitgesproken. Heel gebruikelijk in de Engelse poëzie, maar eerder zeldzaam in de Nederlandse.
details en rails